16-07-07

beleuvenissen opgeleukt met tegenleut

Daar ziet u de werperskooi. Een pas daarnaast de verspringbak. Even verder ligt de polsstokmat. Iemand pakt zijn verrekijker om de wei te contro-leren. Klopt het wat de gids verkondigt? Ik loop op een drafje langs. Taxeer de tien toeristen, waar-onder zeven gepensioneerden, twee kinderen en een blitse minirok. Ik kan haar benen niet geloven, zij stapt op hoge stelten het verwonderd Sportkot af. Wat valt hier te beleven, vertelt haar blik ver-veeld. Het aanbod stak in een pakket van Leuven zien in toegevoegde zin. Met facet van neven-waarde. Wat mensen doen om leegtes te bezwe-ren, nergens zijn nog grenzen aan. De uitlegkerel spreekt op dood en leven, overtuigd van al zijn nonsens op sandalen, een orakel van veel onzin. Legt de klemtoon op het kleinood van een zweet-band, misschien vergeten door Kim Gevaert. Ik draaf verder en ontwaar een slipje in de struiken, eenzaam aan een tak. Een topic voor de mini-rok?

 

Leuven rockt soms, schaars en schraal van aard. Het volk stapt opgehokt tevree, massieve massa’s op één been, geen greintje schoonheid of beteke-nis. Zoals bij Leuven jazzt onlangs. De pleinen af-gezaagd, de mensen niet geklaagd. Gewiebeld wordt er bij de slierten en de slingers oude swing, belegen als de schimmels van een eeuw verdriet. Zo koud zijn al die liedjes, ongeveer. Geen verse melodie, geen prikje persing uit het innovatievat. Geen klad genie of spatje gêne. Alles is kopie van copiëren. Mensen slikken dat. De buurman drinkt, zijn dame knikt. Geen grote zwier, maar zwak ple-zier. De zwik van makke handel. Ik bewandel mij een weg, ontdek geen kader van verandering. Met dank aan de instanties. Ik ben een ambetanterik, geheel en al mezelf. Ola, olé.

 

Verhaal van sombermans. Tot dan de andere avond valt. Met beestig feestje in de Zevenslapersstraat. Georkestreerd door Rudi Bravo en de Lavabo’s. De tegenwereld steekt zijn kop op, rolt de rokken af, rukt de kudde uit zijn kot. Ik ben een vlugge bezi-ge, bezie mijn snelle lief, begrijp haar schoon gerief. Bij lijf en leden zijn wij warm aanwezig. Heetgebla-kerd, wakker voor de nacht. En buurvrouw zet haar klak op, lacht ondeugend. Niet getreurd, er zit op-eens beweging in verveling. Kleur weerklinkt in wit en zwart. Een neger danst met blanke ballerina’s,
ik noteer de hitte in zijn heupen. Leuven zingt zich hees in tegenstroom, droomt de ochtend en de kater weg. Wij zijn het vuurwerk van de nieuwe kerk, wij schieten vonken van verwondering af.
De buurt verzuurt niet, burgemeester. De burgerij werkt op ons systeem, de plechtigheid van protocol en vastgelegd scenario, patronen van traditie zon-der inspiratie. Wij grijpen daarom graag de macht, lokaal en met fanfares van de straat. Verlos ons van de treurigheid van ingestelde leukigheid. Wij zijn rebellen in uw spel.

 

21:05 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (0) | Tags: mini-rock, kim gevaert, bravo lavabo |  Facebook |