03-06-07

bloggermans vertikt zijn tegenslag

Het is zaterdagnamiddag, kleine dreiging, heibel in de schaduw. Ik tokkel mijn berichten, tegen beter weten in. De buitenwereld heeft een virtueel ge-zicht, ziet mij nergens zitten. De innerkring is heden uit mijn spreekbereik. Loretta is in wit satijn gaan liggen, uitgeteld met ziekte in haar ledikant. Ons Suzanne trok mokkend naar de kermis, met kabou-ter Dolfke, kelderfilosoof en oud vervangmodel. Later meer over deze liaison (als het maar blijft duren). Lady Betty baalt op haar balkon, weelderig afwezig, niet goed bezig, malgré la haute coiffure. Het is geen tijd voor blije meisjes, onweer neigt naar onze einders. Nochtans speelt het buurtor-kest, een fanfare van folklore, zatte kelen, dronken koren. En kan niets mijn blogdrang deren of ver-storen. Ik heb ondanks alles vrede.

Want een kilometer verder was het barre oorlog. Mensen morden en verknorden van verveling in hun norse leden. Heel mijn klankbord blijkt er onderhevig aan, ik tril nog als een timmerman die nagels krom klopt in beton. Om maar te zeggen dat het menens was. Bij handel Spaassens had ik dikke prijs. De winkeldochter mocht geen centen zeggen van meneer. Misschien de naaste keer, verschoning jongen. Dus met lege handen naar Loretta deze avond, er stond pertang een potteke schoon an-tiek, ik schatte het op één euro of zoiets, volgens aangeplakt getalrestant. De jonkvrouw achtte niks bewezen, zij kon beter lezen, het kon een eertijds frankske zijn geweest. Uit mijn lood geslagen door de onzin stapte ik brommend naar het Stuk, een kunstenmens moet huizen van cultuur druk fre-quenteren. De balie was geopend, gans de achter-middag, stond op hun affiche. Dus ik kon mijn kar vol tickets laden. Helaas geen personeel voorhan-den. Niemand had zich hier verstopt, geen cultvolk aan de toog, zoals ik persoonlijk vast kon stellen. Stiekem kijkje achter de coulissen, komt een klant te voorschijn, voor de balie notabene. Ordonneert hij mij: twee kaartjes voor Café Chanté, alsteblieft, mevrouw, pardon meneer. Deze balie is gesloten, protesteerde ik. Onnozelaar, kreeg ik naar mijn kop. Snel afgedropen. Erger werd voorkomen.

 

Koffie om af te kicken, op een leeg terras. Opeens zat het weer mee. Ober noteert wat ik verlang. Naast mij strijkt een grijze nonkel met twee tantes neer. Andere ober landt. Schrijft hun trappisten in zijn boekje. Of ik ook bediend ben, jawel kelner, bakje is op komst. Trappisten worden afgeleverd, schol Popol, santé mijn trezebezekes. Een ballerina danst voorbij, zwenkt naar ons derde tafeltje, ik denk niet voor mij maar voor bekoring, koesteren bij een drankje. Zonder vragen wordt ze op haar wen-ken afgevlagd met ijs en slagroom. Sorry, de cho-coladesaus wordt nagebracht, verklaart de tweede ober in extase. Samen met mijn koffie, hoop ik nog. Tarara, pret voor de belendende familie en een beetje verder ijsballet met veel crème-fraîche, maar ik lik mijn droge wonden. Goed dat ik nog ge-zond ben, met een hordensprong uit stilstand wip ik over alle consommaties. Zonder commentaar. Ik heb geleerd geen wrok te cultiveren.

 

Bij de bakker heb ik meer geluk. Nog één wit brood ligt lang naar mij te lachen. Dat wordt smikkelen. Matroesjka, oostblokmaske uit Transmenië, meent dat het gereserveerd is. Ik kan ook ‘doenkerbroin’ proberen, of een zak vol met ‘pistolen’, wel hardge-bakken. Of anders tegen sluitingstijd passeren, mis-kien wor brood nie opkehaal. Ja hoor, dat is altijd smelten, hoe dichter bij huis, hoe sympathieker zijn de mensen. Mijn hart versmacht, dan kan mijn maag nog even wachten. Straks eens langs de kermis lopen, tegenslag verorberen achter hete honden, het betere Nederlands voor vettig eten.
Ik bedenk een prettig weekend in mijn kleine at-mosfeer.

Als nagerecht een uitsmijter: een sneer naar alle intellecto’s die mij couilloneren in het mailverkeer. Sorry voor de dwarse afslag. Zonder kleine wrijving volgt geen glans. De pijn is voor een andere dag.

21:02 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (0) | Tags: ijsballet, cafe chante, het stuk |  Facebook |