13-05-07

een jongen pendelt op zijn tegenvoeten

Beste Vinnie, kinderzoon en vriend van verre huize

 

Hoe laag ben je daar uiteindelijk gevallen, hopelijk niet tot op de bodem van het moeras. Je sprak van een vlotte achttien meter, ontmoet je op zulke diepte zeemeerminnen? Hoe gaat het met je eigen min, groet haar van ons, vertroetel haar met war-me vriendschap. Ieder leven is een wereldhuis, op elk schoon hartje past een open thuisdak. Duik en spartel verder in je tropisch water, schudt het zand van tussen je tenen, surf lustig op je zwemmers-benen. Geen knarsentand mag op je dwarspad zitten. Als het kriebelt moet je snorkelen, ook bij watergorgels in de keel.


Ten onzent is het goed vertoeven, als vanouds getrouwd. De poes laat je bij deze groeten. Zij zit waarschijnlijk met een kater, niemand kan zoiets zien. Onze krakkemikkige moeder, respect voor haar respectabele jaren, wordt verzorgd als nooit te-voren. Zij volgt op haar koppige tele-gps je laatste sporen. We hebben haar verzekerd dat je elke weg kent in Australië, dat er bosjesmannen staan met borden op de kruispaden, aboriginelen om je drank en eten te bedélen. Als je Jos ziet, doe hem de goeiendag. Je weet wat wij bedoelen. Het was een zot gedacht, maar waarom zou een frietkot in de verre ‘bush’ verboden zijn? Wij vragen ons nog altijd af hoe hij aan zijn patatten geraakt, plakt zijn mayonnaise ginder en verkoopt hij ook smos met smurrieworst? Of hij daar nog homo is, moet ge mij niet zeggen, ge kent mijn mening.

 

Gisteren zijn we nog bij Constant geweest, goed gelachen. Gezellige mens, zijn pens gezond en ronder. Blaaskaak zou een buitenstaander denken, maar dat is buitenkant, stout signaal van lichaams-taal. Hij heeft naar u gevraagd, en naar uw Japan-se. Ja, zijn geheugen vertoont meer gaten dan onze tanden. Wij kwamen er zonder het minste prikje vanaf. Wel gereplikeerd (licht gepikeerd) dat uw meiske een Koreaanse is of was, geen Yamaha-madam, wasda! Constant stelde als represaille dat ik eroderende dranken moest weren. Een randgeval, verdachte diagnose, kantje boordje ondeonto-logisch. Hij is toch tandenboer en geen doktoor. Akkoord zijn broer is arts, maar mijn zuster had dat ook kunnen worden als zij geneeskunde had ge-studeerd. Opties zoals optisch bedrog. Dus geen frisdrank of fruitsap meer, minder straffe koffie.
Van frivool vertier maakte hij geen melding, dat mag opgeteerd met wijn en bier. Mama genoot zijn voorkeur qua mondige gezondheid, subjectieve smaak. Je weet dat ze samen in de kleuterklasjes zaten, zulke relaties gaan niet stuk.

 

Jongen, nog een goede familieraad, voor als ge terugvliegt. Moeke (87,2) vindt dat ge uw veilig-heidsgordel moet aanhouden, ook na het opstijgen. En ze vraagt of ge uw fietshelm meehebt? Moogt ge die niet opzetten in het vliegtuig? Vrijblijvend hoor. Eet ondertussen maar flink. Drink veel water en steek soms een tandje bij (zegt Constant). Kussen aan de dartele Hana, van la mama en van vader Marlon. ps: wij zullen op Zaventem zijn, zie rode zakdoek.  

 

22:05 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (1) | Tags: australie, hana, vincent |  Facebook |

28-04-07

landing aan de overkant, op hartenland

Haar haar is mooier dan het ooit geweest is. Dat stel ik bij het afscheid vast op Zaventem. Een na-zaat, onze zoon genaamd, verlaat ons voor een afvaart naar Australië, een maand lang het leven en zichzelf verkennen. Een geliefde wacht hem op in meer of minder mate. Hij weet het ook niet van zichzelve. Ze zijn beiden jong en schoon volwassen om verdriet en wederzien te plaatsen. Het vliegtuig trekt zich zwaar op gang, de zon lacht helder toe, een jongen met een missie wuift nog aan een raam, dat denken wij zomaar. Aan de overkant wacht een meisje met een hart, van verlangen ongekend. Wie verlangt naar wat nog, ze gaan het onbepaald ver-lengde wederzijds bespreken. Wereldspraak als te-ken aan de wand, een tegenpool te ver, wie reist zichzelf een etmaal achterna? De zielenzoekers, vermoeden wij, de zachtverzorgers van het hart, de onvermoeide liefdespachters. Valt het tegen, volgt het mea culpa, vice versa, het leven moet
op mankepoten verder, even maar, hun vrede is te sterk. Wij kennen onze kinderen innerlijk, ze vallen morgen zonder klachten, staan lachend recht van-daag.

 

Dat vertellen wij wat aangeslagen, aan onszelf.
In achteloze camouflage. Zij strijkt nog eens door haar haar. Tranen vechten zich een weg naar binnen, rollen zonder sporen na te laten, flitsen schichtig om de bocht. Weemoed op de tocht.
Een jongen gaat zijn wereld opengooien, op de hoge vlucht naar mogelijk vaarwel, tot wederziens wie weet? Wij weten even niets meer, wij zijn geen voorbeeld voor een ander, niemand gaat dezelfde weg. Respect voor wie het eigen pad ontgint. Het loopt voorlopig nog verloren in de lucht, in de wol-ken van de kommer op zijn vlucht.
Wij trekken trager huiswaarts, laten tekens van bezorgdheid na. Ook wij zijn kinderen van dezelfde zorgen, niets laat mensen onbewogen in spelonken van gehechtheid. Knopen in een hart ontwarren zich, of niet volledig. Soms overleeft het eelt op ingeslagen wonden, waar wij mee woekeren moe-ten. De perfectie is niet van dit tranendal.
Ik streel haar haar, vertel wat onzin, zij vertaalt mij moeiteloos simultaan. Aangedaan en stil. Wij spe-culeren zonder grote woorden, berekenen inwendig onze wegen, tellen onze tijd in kleine zinnen, geen einde aan dit onbekend verhaal. Verder vliegt de reis op roes van liefdeskoorts. Op verzoek en on-geboekt.
Nog één keer slapen en een jongen landt op tegen-vlakte, op wenken van affectie die voor het leven gelden, in wetten anders dan voor stricte liefde. Wat heten woorden waar wij arm naar tasten, een kapstok voor een kaal en naakt gevoel? Wij wen-telen woelig verder, ieder op zijn andere kant, botsen zacht en onverwacht. Het overwicht van evenwicht herstelt zich iedere dag, voor wie zich openstelt. Een hart ontvlamt, sticht brandt, dooft zonder woorden, laait weer op, draait in een kolk en gaat tekeer of onder. De wolken van de liefde mo-gen grommen, doorgaan met een harde grief. Wij zijn en blijven dieven van betreurd verdriet, er is nog kans op redding van de zelfbevlekte smet.
Een eufemisme, efemeer. De snel verwekte euforie.
Het vliegtuig strijkt in vrede neer, sereen is deze wereld. In een wens verklaard. De mensen missen en vergissen zich gelukkig.

23:36 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (2) | Tags: australie, hartenland, tranendal |  Facebook |