17-11-07

de lusten & de lasten van de laatste rust

Ze is een geometrisch meisje, zonder hoek of snij-punt in haar kleren. Zelfs geen raakvlak aan te krijgen. Cirkel in het vierkant, diameter van oneven cijfers. Drie maal negen en zoveel keren twee. Ze is verkeerd in mijn begeerte, mist berekening. Ik rond haar danig op en af. Ik wind er zwoele doekjes over en ik tover haar bedoeling weg en weer. Zij is een halve tweeling (haar manier van spreken), veel te veel voor mij alleen. Een zogezegde moederziel, maar ziek van miserabel erotiek. Ik val haar flanken aan. Daar sta ik dan. Te hijgen zonder iets te krij-gen. Een bewijs te zijn van al wat twijfelt aan het ongerijmde. Zij is het speelveld en de weide ruimte naar de vlucht vooruit. Tot in de melkweg, zelfs een statie verder. Tussendoor een halte in de diep- en ondergang.

Verwondering bij avond en bij sombermans. Zijn woorden zijn doordronken van het dansen in zijn hoofd. De cola smaakt naar alcohol vermengd met pep. De speed spat uit een blik, ik rem het leven af en denk: héhé, ik ben er nog, de zorgen zijn weer thuis in huisje weltevree. Ik heb het in de nevel op teevee gezien. Een man zat in de krant en las een pagina. Ik dacht aan vage associaties. Zat zijn is een hete grap, haha. Ik deed een tukje in het ana-gram. Ik wist niet beter waar te liggen met mijn kop. Een plooi van mals allooi. Er valt nog door te denken aan een pornofilm met hooi. Een zolder van genot. Ik kan niet zonder deze kolder, ik verdraag geen onbehagen in mijn ballen. Rammel alles op een hoop, van zotte troost tot hopeloos in nood naar woord.
 

Ik ga niet dood. Dit is een tussenpose, rustpunt voor een jump naar hoger. Higher op de building van mijn leven, klim naar wolkenkrabben aan mijn hart en springen naar beneden. Zicht met zwier op elke kick, dat geeft nog wat te denken bij het zwe-ven. Beef ik of beleef ik een verleden? Heer, ver-berg je want ik tutoyeer de meester en de knecht. Ik zeg bezwerend mijn gebeden, dat ik lak heb aan de plichten en een laatste biecht. Ik richt mij tot de liefde en wat restjes, alsjeblief. En wie mij grief-de, arme opgeblazen ik. Mijn afgezaagd verhaal. Ik val vanzelf wel op de daken van gemak. Met pret in petto in het bed. Ik maak een pirouette in spiraal. Ik daal langs lakens, haal het deken naar mij toe, geef tekens van genoegen. Toe maar, lady, duw en doe. Ik haal uw lichaam open: van uw ogen naar de wonde. Ik verlaat gezond en moe de laatste zonde. Ik verzak en smak nog harder (hola) naar de hemel. Helemaal de max!

13:16 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (0) | Tags: hemel, lasten, lusten, rust |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.