07-11-07

ter zake met een onverzadigbare dame

Grossieren in dossiers. Het is me wat. We beuken en we beulen. Uit den treuren. Ondersten uit de kan en uit de kast. We sleuren deze verse eeuw naar up to date. Verslagen over zeven jaren vette achterstand. De virtuele magere sakkeren in ons kas, we vreten aan de dag van morgen. Komt de leegte, én de schaamte, komt de schaduw van de schreeuw naar meer. Wie zal het zeggen, zegt Matrona, abdis-maagd die ons kantoorgemoed af-knaagt  Een troetelnaam voor schone baas en bazig meisje tegelijk. Of ze echt waar over lijken gaat, ik vraag het haar. Ze stapt me razendsnel voorbij, haar tijd is opgedeeld in cijferij en statis-tiek. Tel uit je winst om dik bevriend te zijn. Ik zit wel close als gaar cadaver, vrij onnozel. Gaap haar wandelwinkel na. Haar décolleté is opgevuld met dynamiek, de deining schudt me heen en weer. Ik twijfel tussen lijf en vlees en vrees voor sneren om mijn naverlstaarderij. Hier wordt niet gek gedaan, dit is geen plek voor verder denken aan wat fuck and fun kan zijn. De pret zit digitaal en netto in computer, in de motor van de stuwdrang naar het saldo dat een climax scoort. Ik lees haar bijbel texto, letters die succes voorspellen bij aanvaar-ding. Geen aanvaring met Matrona als de quota volle pond geweldig overdonderend zijn. Zij komt als moederkloek hoog kraaiend klaar. Laaiend nuch-ter in een back up salvo van verlossing om de drempelstress. Haar tepels laten kreten van pro-centen, opcentiemen aan verbetering, ze geven dozen melk en honing vloeit nog meer beneden. Vegen maar. Ik ben de beste dweil, de leerling met een slappe bezem, hark en uitverkoren onbekoor-ling, zeg maar hele uitslover.

Het wil wat zeggen als er nergens tijd is om iets uit te leggen of eens bij te praten. Begin maar hevig door te zweten als er geen beminnen aan is. Ga er ongewild eens aan en naast staan: aan haar zij met grillen. Deze aanpak snijdt geen hout, het raakt haar kouwe kleren niet. Verspreek u niet, zij ziet hier geen verdriet. Zij is een wentelwolk, ze drentelt niet, ze wervelt en ze kerft. Het volk, dat is ze zelf, ze is het centrum van haar spectrum. Ik verdraag de spiegel van haar perspectief. Haar mals gerief walst over mij. Het is behekst, door-spekt met toverij, dat heet onuitgesproken seks. Matrona heeft geen aanzet van besef voor jongens zoals ik, de dommerik in se. Verstomming is mijn deel en deels bewondering. Ik vergeef haar dage-lijkse zonden. Onze dienst is een triomf van peis en vree en pezerij. Het heersend wijf bevriest de losse zeden, kiest voor macro rapporteren en de maxi-malen opwaarderen. Exit mister Vanco. Dixit manco.

14:36 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (0) | Tags: exit, macro, manco, minus |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.