22-09-07

mijn kop reist in de wolken van haar rok

Het beloofde een mooie dag te worden. Zonder regen of verdriet. Ik groette de dingen en hier en daar een mens. De dieren sliepen nog. Ik stapte op de bus en zette me naast een neger. Veel bling bling rond zijn polsen en zijn nek. Het geneerde niet. Integendeel. Wij deelden een gesprek. Twee jonge Turken tokkel-den op zijn Vlaams een ochtenddialoog. Schoon om aan te horen. Nietwaar oom Tom? Eigenlijk heette hij John. From Congo, mister. Of ik een sister had en join-ten rookte? Aan het station gekomen was de deal al binnen. Wij deden een take five. Vanavond maakt hij kennis met mijn wife misschien. Mijn lady zal wel zien. De wereld is een speelveld. Zonder geld rolt geen geweld. Van opgewektheid kwekte ik bijna boutades. Quasi baldadig waar. Gek. Ik zag den dikke Deckers en ik remde af. Of was het Sven Ornelis met de onder-kinnen? Een ronde man sprong in de morgen op het mediaplatte plein. De trein verstomde. Zes polities waakten met hun buiken over kale nadars. Reizigers werden wakker met een geintje: Q is good for you. Ik haalde adem, gaapte. 

En ontsnapte aan de klapwiekdeuren van de opge-hitste intercity. Gisèle Ickx blonk op het plaatje aan haar linkertepel. Ik kreeg meteen een lel van haar. Verbaal. Ik had een late jump gewaagd. Haar fluitje uitgedaagd. Zij was de opblaasmeid met bolle wan-gen. Trots rood hoedje dat de toegang tot de trein bewaakte. Ik genaak haar niet, verdraag geen veilig-heid. Zij heeft mijn namen afgeschreven, ik geraak gewend aan zedenpreken. Geef mij meer Gisèles, ik verwen ze. Val daarna een lege zetel aan. Ontspoor, ontwaar een baviaan. Een witte man met een ba-naan, een smikkelaar. Hij kruimelt chocolade op het vensterraam. En brokkelt brood. Hij appeleert aan taferelen van de nieuwe weelde, geen manieren aan meneer besteed. Te blank, onnozelaar helaas. Het specimen met kloten van verwaand begaafd. Hij valt niet op Gisèle Ickx, zij vraagt zijn ticket om te rijden. Spijtig, zegt hij lijzig, op uw wissels reis ik gratis want mijn baas betaalt. En inderdaad, hij blaft gelijk. Be-wijst zijn overdaad aan onbeschaafdheid, graaft een vrijgeleide op. Ik stoot perplex zijn trommel om, het brood smakt op de grond. Gelukkig ben ik niet ge-wond. Verschoning voor de opstoot. Ik begrijp Gisèle, wil haar redden van verwende venten. Zij ontwijkt me, glijdt voorbij.  

Het is nog daverend laat geworden, naar de avond warmer opgelopen. John kwam langs met flikkerogen. In het zwart. Hij heeft mijn lady geenszins omgepraat. Zij reed zijn gladde bliksem van de rails. Zoals Gisèle, onvervaard een repliekdame. John staart in het hoge donker, rookt een trage paal. Ik haal in gedachten echo’s aan haar rokken op. En sprokkel restjes lef en ero-pret. Betaal mijn lusten af. Geduldig rij ik langs de lijnen, blij om periodieke tijden. Om de meisjes die mijn vrouw vertolken. Wolken mijmeren om mijn kop.

10:42 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (0) | Tags: echo, deal, joint, rails |  Facebook |

De commentaren zijn gesloten.