11-01-07

maskesmachien Katrien


Ze is kort van stuk, maar daarom wil ze dat nog niet gezegd hebben. Deed ik wel, en ik had het meteen geweten. Jongens toch, toen was het kot te klein. Ze brieste me af, stampvoette door mijn vloer. Hoho Katrien, zei ik, je haar zit in de war, je tanden haperen, je klappert wild en weg. De woede vond geen woorden, een verse wonde zat er aan te komen. We hebben het buiten adem bijgelegd, herzegeld wat geschonden werd, heruitgevonden ons verbond.
(De wind is reeds een eeuw gaan liggen, het blijft een zachte winter, wij verwachten eerder sneeuw dan storm, komt er vorst, dan volgt er dooi: we vallen altijd in een plooi).


Ik ben nog nieuw in de onderneming, zij speelt een hoofdrol in het enige bedrijf, zoals zij haar eigen entourage neemt. Ik mag zedig naast haar zitten, zwijgen als het mij niet past, ijverig verderpezen vooral. Ik ken mijn plaats wel, stand en rangen raken kant noch wal. Zij is het meisje met ervaring, bijeengeperst in een rank getailleerde meter zestig, vijfenveertig kilo kort talent. Zij is vrank gebekt, alert en bij mijn pinken als ik scheve schaatsen rij of naast mijn schoenen loop. Dat gebeurt allengs toevalliger, zelden nog. Maar zij verliest meer vat op de reeds minder nieuwe man, de haar eerder toeverweesde. Het moederkloekinstinct van haast volwassen kind wordt aangetast. Zij wil knibbelen, doorgaan met om het minste vitten. Ik speel het vrijere spel, plaag haar ook graag. Dat zij zeer koket ‘in pocket’ is, nog knapper dan haar opgelijst portret. Zij steigert, weigert aandacht, vraagt om averechtse complimenten. Soms krijst zij met vertoon van eigenste venijn, ik begrijp het als een omgekeerd gekraai, een onmacht om de draai te vinden met een man die haar vader niet kan zijn.


Geen nood Katrien, je bent al helegaar bijkans een poppenmoeke, geen onnozel kinderkopke, ik een mannenjong, een ongevaarlijk dansend prethoofd: “Anny, I’m not your daddy…”.
Ik savoureer je silhouet, gestileerd onstil. Geoefend in een moeë ogenblik geniet ik van je geprofileerde mooie-meisje-zijn, je bent een puppet met een string.
Je harde kontje is doorpronkt met doorkijkkoordjes.
Je kan dus rustig doorgaan met behagen, ik heb geen ogen op mijn gat. Kriebelen en wiebelen, dat alles waggelen mag.
Ondanks het verse weerbericht ("één vogel geeft geen lente") verliest hier niemand zijn gezicht.
 

 

 

17:25 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (2) | Tags: puppet, string, koket, kontje |  Facebook |

Commentaren

sexualiteit Jij durft!
Ik apprecieer dat wel! ;-)
De meeste mannen ontkennen hun sexuele gevoelens die "natuurlijksgewijze" opkomen bij contact met het aantrekkelijke andere geslacht...:-)
Wel vlot verwoord en voor mij gemakkelijker te lezen..:-)

Gepost door: bb | 12-01-07

Het blijft wel een raadsel of je haar nu leuk vindt of niet!

Gepost door: Eve | 14-01-07

De commentaren zijn gesloten.