07-01-07

den dikke Freddy

Zaterdag, late namidag. De regen heeft me fel doordruild, ik heb het leven uitgesteld, niet bewogen. Maar er moet brood en boter op de plank. Ik doe mijn spoedcommissies in de mega-winkel om de hoek. De voedselpoëzie ligt clean-plastiek verpakt in afgemeten bakken, rijen rekken. Ik rep me, graai lukraak wat lekkers, vergeet het lijstje in mijn hoofd. Ik heb wel wat anders aan mijn kop dan cola light, een pakje koffie, choco, poeder voor de witte was. Geen pizza meer, verdorie. Buiten giet het, bijna sluitingstijd. Wie gunt me uitstel van commotie? Onnozele nep-nervositeit.
De schaduw overvalt, bevangt me, daalt in groot volume neer. Of hij me helpen kan en hoe gaat het kameraad, ziet gij dat zitten voor het weekend, dat is nogal een mottig weertje zeg. Hier is Freddy, dikkerd van bestaan en baas in deze zaak. Hij buldert ovenverse anecdotes, de appelsienen staan in stuntreclame, sardienen krijg ik van hem gegund in supplementen. Freddy is altijd goed geluimd, in zijn gratis elementen van goedzakkigheid, een gulle jongen van de lach, de vette knipoog en de zware  kolder. Hij gaat vanavond op zijn potten. Ik ken dat staminee in Glabbeek toch. Bij Vital en Amelie, dat staat daar al van in de jaren zestig. Toen dronk de puistenpuber literspinten bier, overdrijft hij mij. Gelogen is het niet, Freddy is integer, eerlijk als een teddybeer. Ik moet hem in zijn magere jaren goed gekend hebben. Daar is hij zeker van. Wij zijn streekgenoten, generatiematen. Hij overpraat me met zijn platste taal. Sappig menne man. De andere winkelklanten maken bochtjes om de taterbaas, maar hij groet ze moeiteloos, gesticuleert zich virtuoos door blikken van curieus belang. Hij creëert gezelligheid, legt pakjes sfeer in lege karren, breekt de stilte met zijn kilo’s doorgang. Dikke Freddy speelt zichzelve meesterlijk, acteert geen centimeter. Hij escorteert me met zijn simultane ondertitels naar de toog, uitbundigt daar nog weekendwensen voor de laatste uitpakmensen, rekent met me af. Ik sta verlaten van zijn nagalm in de avondregen. De laatste onraad, ik kijk schichtig om, Freddy zwaait de deuren dicht. Zijn snor lacht zich te pletter. Deksels gekke man. Zot zijn doet geen zeer. Alles kits met hem, hij heeft geen greintje pijn. Ik verlang al vaag naar maandag. Ik wil die goedzak nuchter terugzien.

 

 

15:57 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (4) | Tags: sardienen, witte was, appelsienen |  Facebook |

Commentaren

Krijgen we ook elke zondag nieuwe foto's te zien?

Gepost door: Eva | 07-01-07

Eva, ik begrijp je belangstelling, maar dat moet je aan Loretta vragen ;-)

Gepost door: Marlon | 08-01-07

humeur De meeste zwaarlijvige mensen die ik ken,zijn steeds goedgeluimd!Eigenlijk best eigenaardig...
Een lekkere boterham,je tekst...als ik zo vrij mag zijn je woorden te gebruiken...:-)

Gepost door: bb | 08-01-07

donder ik weet niet als ik de enige ben, maar als ik naar de bakker of slager moét op één van die momenten dat het leven me zwaar valt en ik weet dat ik er ongelooflikk beroerd uitzie en ik zo vlug mogelijk terug in mijn schelp wil kruipen, wel dan mag je er donder op zeggen maar in wachtende rij ontmoet ik dan juist iemand voor wie ik er juist op mijn best wil uitzien. -een beetje zoals nu :-) -
dag maat.

Gepost door: marc | 10-01-07

De commentaren zijn gesloten.