31-12-05

uit de doden

Ik heb je rillend nog zien lopen

tot verstillen langs de gracht

je gang van bidden door de nacht

ik legde bang de boeken neer

 

ik dacht aan elke weg terug

waarop je vluchtend voor mij was

alsof je duister om kon keren

uit het zwart van smart onklaar

 

je kreten onverwacht te zwaar

het bleek van sterven om je as

doorheen spelonken zonk de maan

 

waarna je hart van barsten vol begaf

het laf van donker brak je haar

ik bad je uit de doden zonder naam


21:40 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (3) |  Facebook |

30-12-05

ode aan een dode

We nemen afscheid van dit koude jaar en laten warme mensen achter. De dingen kenden hun beloop, ook de verdrietige.      Ergens brandde bijvoorbeeld een huis af, dat gebeurt, iemand wordt verteerd door het vuur en wat nasmeult is oud zeer.

Op een lentedag in de blijde meimaand lazen we een treurige krantenkolom: woning brandt uit in L., vrouw komt om. In een onwezenlijke paniekreflex bellen we de politie van L. Het was wat we dachtten, die vrouw was echt niet meer te redden en dat huis was inderdaad dat afgebrande huis. We namen kennis van het slachtoffer, oud nieuws, we hadden het kunnen raden, sommige dingen zijn voorspelbaar.
Het verzengende bericht ging om Diane V., ons jaren eerder al bekend in de glansrol van gelegenheidsvriendin. Braaf en zuiver waren we zoals een oudere broer en zijn jongste zusje. Diane was de max van uiterlijk vertoon, zo schoon als de mix van Nico (Velvet Underground) en Deborah Harry (Blondie). Met Nico had ze niet enkel haar onwezenlijke schoonheid gemeen, maar ook een haast ziekelijke drang naar zelfdestructie. Van Deborah Harry leende ze een frivool figuur en haar very sex-appeal. Zulke cocktail vraagt sowieso om moeilijkheden en die kreeg ze ook toegemokerd tijdens haar getergde schone leven, in de meest erge en ruimschootse mate. Diane was te mooi om waar te zijn, dat was meteen haar groot probleem, daar kon geen psychiater iets aan toevoegen. Die psychiaters zijn er met dozijnen geweest, de dokters schoven jaren bij haar sneeuwwitte bedje aan, brave en stoute kaboutertjes, niet altijd even eerbaar. Voor een voorschrift verkoopt men vlug zijn plichtenleer, ik heb het over het medisch personeel. Diane bespeelde het bestaan met haar sensuele talenten, ze verspeelde veel en verloor tenslotte alles, inclusief haar leven.
Ongeveer een jaar geleden zag ik haar voor ’t laatst, ze was nog razend knap, maar ik zag ook dat de aftakeling had ingezet. Ze was toen net ontslagen uit een afkick-kliniek. Daar was ze in quasi-dode coma binnengebracht nadat ze aan een morfine-overdosis van haar terminale moeder had gezeten. Waarom doet zo’n extreme schoonheid zulke foute dingen? Voor een man bijvoorbeeld, en zijn onhaalbare liefde, dat was haar verklaring. Die liefde was wel wederzijds, maar die man was niet vrij en dan ging hij opeens nog zomaar dood. Hoe treur je om de man van je leven die je man niet was?  God Diane toch, waarom stelde je me toen zulke moeilijke vragen? Ik ben je maandenlang een plausibel antwoord schuldig gebleven.

Tot je, ten einde raad, de kou niet meer kon verdragen. Een laatste sigaret, misschien een doosje pillen, en een laken vatte vuur. Je zag jezelf in een rokerig kringetje opgedwarreld, opgelost vanuit je zorgen. Ik wens dat het pijnloos is geweest, dat je laatste euforie de kantelclimax was van een wankel evenwichtsbestaan. Je bent nu bij hem, bij die liefste man, dat lees ik ’s avonds, ’s nachts nog meer, in de hemel, in de dode atmosfeer. Onze treurnis om jou horen we in een lied als zanggebed: “How do we sleep when our beds are burning?” Voor altijd in onze gedachten, tot de rook om ons hoofd is verdwenen.



 

18:28 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (11) |  Facebook |

28-12-05

afscheid

Nog zit ik aan je bed

stil als een vlinder

jij de bloem

een blad valt

is de adem

van je bleke pijn

 

 

 

de klok tikt langs

je haar je blond

de dood loopt lui

en verder in je huid

ik streel één vinger streelt

je witte hand

 

je oog een aarzeling

je zoekt verkent

de twijfel koud

voel ik voel jij

vertelt een traan

niet leugen troost

 

en jij jij zucht

in afscheid een gerucht

van bloem die sluit

een vlinder en vergiffenis

voor zonden oude wonden

weent de tijd

 

je haar glijdt weg

voorbij en voort

tot morgen nog

de rouw het laatste feest

een vlinder vindt

de bloemen op je graf




21:56 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (12) |  Facebook |

27-12-05

een lap van Pat

Vanochtend meldde StuBru dat Patrick Dewael en Greet Op De Beeck gisteren “geflitst” werden op het Clouseau-concert in het Antwerpse Sportpaleis. Dat was even schrikken, ik dacht dat Koen Clouseau al ergens onderweg was naar Dakar of alleszins bezig met iets pré-caritatiefs op zijn BéVé’s, bv. hongerige kindjes in de verre Sahel-hel  met zijn castraatstemmetje minnestrelen, ik fantaseer maar wat. Okee, in de namiddag zal hij zich nog aan een geëtaleerde strandwandeling met vrouw en kroost, inclusief hondje, overgegeven hebben, dollend met een honderdhordige persbrigade achter de trendy kinderwagen. De kwinkslagen van papa Koen waren niet te tellen, morgen lezen wij alles, inclusief de stoute details (off the record!), in de glanzend gebalde familiebladen.

Ernst! Terug naar politieker Patje, een man van ons hart. Wij maken maar even abstractie van zijn aanwezigheid op voornoemd concert, missen is menselijk, ook voor onze bron “StuBru”. Toch nog snel een tussendoortje in dit verband: wie baarde hen dat erbarmelijke “kippensoep”-gedoe? Hemeltje, een persiflage waarin op zulkdanige wijze verwarrende ironie was verwerkt, dat enkel nog de dwazen hieraan bijdragen gaven. Mag het ook in dit verband voortaan wat onsmeuïger. Wij verkiezen de soep inderdaad wat minder goedkoop en dun te slikken dan ze wordt opgediend. Zelfs hun huispresentator Luc Jansen gaf recentelijk een sneer vanuit de studio-ether naar die kwijlerij van eigen radiovolk. “Ach, een belgenmop”, duidde hij de zin van dit onding ten gerieve van enkele met verstomming geslagen Nederlandse persjongens.

Hernieuwde poging aangaande Patrick Dewael dus. Maar toch nog één tussendoortje, een vluggertje. Wat die man met wie dan ook in de liefde uitspookt, dat zijn onze affaires niet. Hij ligt niet slecht in de markt en tussen de lakens (zie ook:Nights in White Satin, een zedige hit uit Patje’s puberjaren). Hieraangaande is alles duidelijk, en voor de rest van hetzelfde laken een poepsjieke Armani-broek. Soms gedraagt hij zich gelukkig als een stevig baasje met een propere morele persoonlijkheid, (toch een Boss-man? okee, dit is een flauw commercieel grapje ten gerieve van ons eigen huismerk, sorry Boss).

Voor ons is minister PéDéWé, buiten categorie, de schoonste Kerstman van het eindejaar. Wij verklaren ons nader. Vorige week ging hij verhit en wit van woede tekeer tegen een lafhartig doorgrijnzende Filip De Man van het Vlaams Belang, nadat deze reeds een afdoend en zelfs overbodig antwoord had gekregen op zijn blamerende schaamvraag aangaande het terugsturen (als menselijk kerstpakketje, ja?) van de Nigeriaanse dompelaars die haveloos in Kallo waren aangespoeld. Deze spontane en onverdacht emotionele uitval van Dewael was dé menselijke reflex van het politieke Belgenjaar. Proficiat Patrick, nog veel succes in de liefde, en blijven doorhakken op zulk tuig, wij bedoelen hierbij de VB’s (niet verwarren met BV’s). Betreffende de Gretchens, die moet je soigneren, maar daarin hebben wij je geen lessen meer te leren.

Post-scriptum (ten persoonlijke titel): Wat ik ook even kwijt wil, is dat ik helemaal niet van om het even welke vorm van “grenscontrole” hou, enkel “the sky is the limit” orakel ik, weliswaar niet gehinderd door mijn geringe ondeskundigheid. Hoe klein is onze wereld en wie zijn wij om aan restjes menselijk wrakhout een warme kerststal in ons overvette westen te ontzeggen? Zeg dat ik het gezegd heb, ondanks ter zake onbevoegd.

 



13:30 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (21) |  Facebook |

24-12-05

Waalse broeders

Opgedragen aan mijn Waalse collega Richard Lambert et tous les autres mecs.

 

In wat doorgaans de vredige dagen voor de kerst heten, werden wij gisteren bruusk opgeschrikt door een giftig artikel in Het Nieuws-blad. Vuilbekker van dienst was de platte tekstkakker Mathias Danneels. Hetzerig was zijn toon, stokerig zijn taal en huizenhoog zijn vermeende groot gelijk.

Plaatsvervangende schaamte beving ons bij het lezen van de column “In memoriam” die gewijd (nou ja) was aan de dit jaar overleden politicus Guy Mathot.                  

Genoemde sluipschutter laat zich de laatste maanden graag opmerken door een teneurtje dat aan niet meer bij te kleuren betweterij lijdt. Geen onderwerp is te heet of te koud voor deze dweperige veelschrijver.
Het slachtoffer van dienst was deze keer echt wel een makkie, het ging dus doodsimpel (jawel) om een dode man. Het betrof bovendien een Waal en dan is het uiteraard “bon ton” om nog wat gortiger te gaan doorkladden.


Verre van ons om te beweren dat Mathot een koorknaap was, dat was hij hoegenaamd niet, meer nog, we gaan zelfs niet tegenspreken dat hij een ritselaar van het grofste soort was. Maar laten we het daar dan bij houden, bovendien hoeft dit echt niet meer expliciet uitgesproken te worden, de geschiedschrijving zal in deze wel het laatste en meest wijze oordeel vellen.

En we moeten zeker niet met onze fiere Vlaamse vlag gaan zwaaien vanuit de foute veronderstelling dat wij gevrijwaard zijn gebleven van dit soort politici. Ze zijn van alle tijden, ze waren en ze zijn alleszins ook Belgisch, inclusief Vlaams.

 

Wat hoogst storend werkt in de column van Danneels is het dédain waarmee hij in de persoon van Mathot een ganse generatie Waalse politici, en bij extrapolatie de Walen tout court, meent te mogen kapittelen. Was het niet het goeie socialistische recht zijn van “le tout Seraing”, monsieur Danneels, om aanwezig te zijn op de uitvaartplechtigheid van hun burgemeester, wie bent u om in het hart van die mensen te kijken? Een snobistische, half-intellectualistische vlaamskiljon, die bovendien op een vrij foute manier dweept met Gerard Reve, zelf de grootste vrijdenker der Nederlandse letteren, een "rève" ('s mans woord) die zijn halve leven van de gulzige Franse slag is geweest, op de libertijnse vlucht voor de platte Nederlanden. Heer Reve zou zich zwaar schamen over zulke valsvereerders.

 

Om even uit het eigen leven en werk te citeren, meneerke Mathias, ik heb pas de meest barse hetze aller tijden uit mijn professionele carrière achter de rug. Vlaming zijnde, had ik het zwaar aan de stok met onze nationale bazen. Ik wil het hier niet over gelijk en ongelijk hebben, maar over een mentaliteit.

De Vlaamse collega’s betoonden zich ongeïnteresseerd, niet-geëngageerd, boertig en ploertig zichzelf, met een dubbelzinnige kwinkslag het eigen vege vel reddend, niet thuis voor opvang en ontvankelijkheid van andermans sores. De fermettes zwegen ferm, niet in alle talen, maar vooral in hun keutervlaams, hun knechtendracht, hun kleutergedrag.

Mijn Waalse collega’s waren ongereseveerd solidair, haalden het onderste uit de kast én uit hun hart. Want daar gaat het hem om, om dat hart, dat hebben ze miljaardedju, die achterlijke Walen, die zogenaamde sjoemelaars en profiteurs en potverteerders. Maar als een mens in nesten zit en geïsoleerd raakt, dan zijn zij, ces gens là, spontaan en solidair, les amis francophones, les Wallons quoi.

 
Leer ze me kennen, monsinjoor Danneels. Au nom de dieu toch, uw perceptie zit zo scheef als uw Antwerpse politieke correctheid en uw te sjiekerig mondaine sjaaltje. Uw optater-taaltje is te vertekend pseudo-elitair om dat onverdacht-volkse van onze warmhartelijke zuiderbuur te kunnen vatten. Ik schaam me voor u, monsieur Mathieu, pedante Vlaming, en ik excuseer me, ongevraagd, uit uw naam bij onze Waalse broeders.

Laat ze verdomme hun symbolen, hun eigenwaarde, desnoods hun foute doden. Trap voortaan op uw eigen verwaande Vlaamse ziel. En om te besluiten een klassieker: de mor-tuis nisi de bene. Guy Mathot was tenslotte geen neo-nazi, geen aanhanger van Mussolini, hij heeft nog treurende familieleden. Moet zulke vuilspuiterij dan per se zuidwaarts? Non merci! Tais-toi et sois beau, ik heb het over de beauté du coeur, ’t a compris joeng?




09:59 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (9) |  Facebook |

22-12-05

sacrament

Je haar je haar
zwart van lawinezwaar
vervalt in vlinderlust
rust op mijn luie buik
je mond je vingers vaag
je tong je tanden
verrukkelijk je handen
verkennen vlugger sluik

Steeds weer je welig haar
streelt lenig langs
legt waaiers klaar
mijn lichaamslijf beschrijft
sacrale warreltaal
in traag en transcendent
blijft sacrament strak
van verlangen naar

Je tong je tong zingt zacht
genot trekt tintelvacht
het vuur in heidestruik
heet breekt mijn buik
die vloeit lawine loeit
van sneeuw die rooft
schreeuwzwart je haar
smelt koud dan dooft

 

 

- dit gedicht werg opgenomen (onder mijn vroegere dichtersnaam) bij de Nl poëziesite http://meander.italics.net/ -




10:19 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (6) |  Facebook |

19-12-05

dag als dag

een dag als een hardgekookt ei dat ijskoud op de vensterbank vergeten ligt

een dag als een paternoster die wordt afgerateld zoals geweren in de vrede

een dag om te vergeten, een dag om op te eten, om beetjes ergernis te betten

 

 

een dag bij meesters hardverteerd die rotte herrie schoppen in de rand

een dag als zwarte katerskoppen waarvan de haren achterover krijsen

een dag vol late heren die gaan bakeleien als bedienaars hen verachten

 

een dag als mist in waterogen terwijl de zon zich lang verslapen heeft

een dag zonder afwezige mizerie, een dag van barre ongenade en ambras

een dag als mokerslagen bij heldere hemel, het regent kolendamp en hete as

 

een dag zonder genegenheid, geen tekentaal, een dag met tering en tentakels

een dag dat eten monden zag ontberen, dat mensen zonder broodjes smeerden

een dag om in te calculeren, niets te excuseren, iedereen zijn dood te genereren

 



22:30 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (4) |  Facebook |

18-12-05

lady la belle

Lady la Belle,

 

Wat gaat er mis, my lady? Je lijkt me misnoegd, je kijkt alsof ik het ploertje van de dienst ben. Van jouw “dienst” ben ik nét niet, wel van een zeer belendende, vandaar dat onze wegen zich vaak en meestal graag kruisen. Ik dacht dat wij goeie partners in no-crime waren, lekkere soulmaatjes, sobere kameraadjes of hoe noem je zulk latent verbond tussen stille gelijkgestemden? Vriendjesschap?

Je hebt me onlangs eens goed getackeld, had ik dat verdiend, zo ja waarom? Ik ben nu wel niet het jongetje dat zich graag kapittelen laat, dat geef ik toe. Als je behoefte hebt aan zulke knaapjes, dan ben ik een tijdje niet jouw maatje. Maar nee, er moet een zwaar misverstand zijn, een te pardoneren en verkeerd begrepen geste. Snel een kwestie van nagelaten woordjes bij- en uit te praten.

Geef toe, die werkerswereld van ons beide is niet echt ons ding, akkoord die van jou schenkt nog schoon vertrouwen, maar die van mij hangt mij engetjes als een touwtje om de nek. Verschoning voor deze overhaakse taal, dit bevalt je niet. Maar zo heb je me (soms) te nemen, of anders heb je me helemaal niet, helaas. Daarvan ben ik de eerste dupe, jij redt je wel, ik strompel wel stupide verder.

Maar toch, ik herstel me snel, mijn fierheid is een ziekte, ongeneeslijk en steeds aanwezig. Jij bent de leading lady, stout- en schoongebekt, men behandelt je per definitie met respect. Dat laatste ontzeg ik je niet, evenmin al dat ander moois.

Laat me stellen dat onze kansen evenwichtig zijn, jij je terechte trots, ik mijn kleine ijdel-heid als eiland en als laatste rots. Inderdaad, dat geeft weinig plaats voor compromis, maar bedenk dat ik geen greintje kleine knieval aan je schenk.

Jij hebt zowat alles in je comfortabele huis, ik ben de luis in de pels van lieden die mij griefden. Jij mag je keuze maken, ontwijk me als je kan, maar we blijven ergens vage vrienden. Ik hoef daarom geen taalverklaring, je ogen waren me reeds zo vaak een open-baring. Nee, ik steek geen handje uit, laat de tijd maar aan de tijd. Deze malaise regelt zich “à son aise”, we zien wel wie de weekste is. Dat is geen teken van zwakheid of verslap-ping, ik noem het spatjes medemenselijkheid. Dag lieve macha, mag ik nu wegmarcheren?

 





21:22 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

obsceen

Het sneeuwde zeven nachten achtereen

wij overleefden in de witte bedden

niemand mocht ons komen redden

ook geen winterplaag kreeg ons uiteen

 

ik hield van jou als van obsceen

je lichaam wou zich niet verzetten

dat ik je pelde in de heetste netten

terwijl jij mij vertelde van de steen

 

die zat te knarsen in je hart je keel

de kanker die je opvrat als een vlam

ikzelf had daaraan part noch deel

 

ik pakte je heel gulzig en ik nam

van wanhoop onverzadigd veel te veel

tot op de achtste dag de doodschok kwam

 

 

- dit gedicht werd opgenomen (onder mijn vroegere dichtersnaam) bij de Nl poëziesite http://meander.italics.net/ -





12:42 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (6) |  Facebook |

17-12-05

la solitude

Wat bezielt mensen om te doen wat ze doen, waarover praten wij als we over liefde praten? Dat dacht ik achteraf, na het gehakketak aangaande het item hieronder. Een onbekende nobody zoekt een lief, misschien wat warmte, ook de lichamelijke, waarom zou hij niet. Zo’n man wordt dan geëtaleerd, mag met zijn naam op een open forum prijken, wie vroeg zijn mening? Zeker niet die "ikke domme-nikke" van de plezante kliek. Een derde man wordt erbij gesleurd, toevallig droeg hij mijn naam en ik maak me druk. Druk om wat? Mijn ego, ach het zal me wat.

 

Terwijl ik mijn kas zat op te vreten tegen een onverlaat en zijn schorremorries, zat iemand in stilte aan een kwetsbaar tekstje te breien. Een kleinoodje met woordjes over zieke mensjes, meer dan zomaar ziek, zeg maar terminaal, ook tere regeltjes over oud en behoeftig, zwak en weerloos. Het warme brokje taal staat hiernaast gelinkt. Geen fanfare, geen toeters en geen bellen, geen toontje bombarie, gewoon wat schone medemense-lijkheid. Mag het nog even in de kilte?

 

Waar maken we ons druk over als we ons druk maken over iets? Meestal over onbenullen, nitwits, middelmaatmensen, onwijze maloten, grijze middenmoters, koorzangers, schand-knapen, kuddeschapen. Vul maar aan of zoek maar uit.

Ik wil niet meer in hun smeuïge smurrie trappen, ik verkies voortaan de eigen soort.

Wat je bent, ben je als resultaat van de keuzes die je maakt. Je kiest voor Clouseau of voor Zita Swoon, voor Humo of voor Deng, voor Aspe of voor Brusselmans, ik citeer maar wat uit het vuistje, mijn losse pols schudt zich eens af en polariseert.

 

Voor de goeie verstaander, ik speel voortaan minimalistische thuiswedstrijden, ik meng mij niet meer in de open debatcultuur van de platpopulistische blogs. Leve mijn intieme ik en de weinige zieltjesgenoten. Onze kern is sterk, het werk knettert en wenkt fel.

Wij schrijven ons wel verder, bijdragen vindt u in de volgende bijlagen en elders.

We verliezen onze tijd enkel nog aan de lieverdjes, nooit meer aan de miezertjes.

 



19:51 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (4) |  Facebook |

dommenikke

Onderstaand item plukte ik gisteren integraal weg van de weblog “Dominiek”, de nummer vier van de bloggers bij DS on line. Geen kwaad woord over De Standaard, prachtig zoals zij ons een forum gunnen. Wij eten dankbaar uit hun handje en zij spelen nergens de boeman, dat siert een krant, daarom is het ook een kwaliteitskrant.
Maar als “topbloggers” zich (menen te) kunnen permitteren om shit van dit slag te publiceren, dan gaat er toch wel iets grondig fout in het webwereldje. Niet enkel de privacy van een onbekende en argeloze jongeman wordt vreselijk aangetast, ook ondergetekende werd op lage en lafhartige manier mee door het slijk gesleurd. Was het een grapje, nou nou, ten koste van wie en van wat dan wel? Zijn er dan geen fatsoensnormen meer, is een klein beetje niveau echt niet meer haalbaar? Mensen die niet vatbaar zijn voor tact en subtiliteit, moeten blijkbaar kunnen beuken om te scoren. Verre van mij om de moraalridder te willen spelen, lees en kijk mijn blog, dan weet iedereen waar ik voor sta: een hyperextreme libertijn, ja toch. Net daarom ben ik zo pissig om de ploertige plattigheid, de door- en door gortige boertigheid van het bewuste modderitem. Het zal je godverdomme maar overkomen hoor. Had die gast maar geen advertentie moeten zetten, hoor ik een onverlaat opperen. Komaan zeg, dat is toch die kerel zijn goed recht. Okee, hij stelt zich ontzettend kwetsbaar (zeg maar naïef) op, maar dat mag toch geen opportuniteiten geven. Het is niet aan “ons” (lees: Dominiek) om zulke kwetsbaarheid te gaan uitbuiten. In vorige eeuwen zette men “lachwekkende” gehandicapten en “onnozele” debielen te kijk op kermissen en in circussen, die barbarij hebben we wel gehad, dacht ik. Of niet soms, Dominiek? Leest u allen mee hoe het gespijkerd stond op het bewuste weblog. Ik heb zelf alle sporen, die konden lijden naar de ware identiteit van het slachtoffer, geneutraliseerd. Of wat dacht u dan? Nee, “heer” Dominiek had dat uiteraard “fijntjes” nagelaten, het kindje mocht immers een echte naam hebben, staat nog veel leuker voor eventuele familie, vriendjes, kennissen, kollega’s enz.
Het is te pijnlijk voor woorden, maar het staat (stond) er dd 16/12 letterlijk als volgt:

 

Dominiek | vrijdag 16 december 2005

 

“Zoekertje

 

Ik ben een 29 jarige niet onknappe single uit Gent, 1m89, 84 kg en sportief gespierd, blond kort,goed geschapen (plus 17cm)volgens de vrouwen. Mijn hobbys zijn internet, veel sport en uiteraard date en sexdate, waarvoor ik wil en kan betalen.”
(bron)

 

Doe die jongen een plezier en mail hem! Stuur hem foto’s van uw kotsende overbuur, Viagra-spam, mailtjes met grote en gore attachments zodat zijn mailbox direct volzit uitbulkt !

 

(Of zou dit de persoon zijn die schuilgaat achter het pseudoniem Marlon Vanco?)


categorie : potverdikketinternet

Trackback URL naar dit artikel : http://dominiek.be/2005/12/16/zoekertje/trackback/


4 reacties op “Zoekertje”

  1. Dirty Jos sprak :
    op 16 december 2005 om 17:44

wahaha, roflmao

  1. Lachhaai sprak :
    op 16 december 2005 om 17:59

Dat er zo’n mensen bestaan, ‘t is niet te geloven, zeg !

  1. Charlo sprak :
    op 16 december 2005 om 20:04

Vooral zijn “beschrijfingkje” was wel ok

  1. marlon vanco sprak :
    op 16 december 2005 om 21:23

Je hebt al zeven reacties van mij verwijderd, heer (?) Dominiek. Je wil vechten, de strijd aangaan, maar je vreest het open vizier. Durf je een tegenstander echt geen gelijke wapens gunnen? Moet het op zijn lafjes vanachter de rug met steun van de lieden “janhagel en canaille”? De meerderheid zwijgt verpletterend, dunkt me. Morgen wijd ik mijn item integraal aan jou. Kom op die plek dan maar je woordje doen, ik ben geen censureerder.

 







00:03 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (2) |  Facebook |

16-12-05

ondankbrief

Onlieve kollega, je verlaat ons dus, je gaat weg, eindelijk ver weg. Eindeloos verglijd je aan de einder, je blijft verder van ons ijlen. Verdwijn zonder omkijken, mijn hart krimpt van puur “kozinne”, adrenaline voel ik bij het vervloeken van je infame naam. In een paar regels herinner ik je hier aan ons onfris werkverhaal.

Een goeie twee jaar geleden kwam ik bij ons sleepbedrijf in jouw slopershanden terecht. Gedurende twee weken heb ik tegen jouw norse, nochtans erg jonge, meisjeskop zitten wegteren van puur mizerie. Communicatie met jou leek uitgesloten, zelfs een minieme conversatie kon er nauwelijks van af. Je keek steeds stuurs, je braakte je schaarse woorden in een onverstaanbaar koetervlaams, je vloekte en je sarde, je versakkerde je ganse omgeving, je mokte en je stokte als ik iets vroeg. Wat had ik daar bij jou dan te leren? Alvast geen werkbeschaving, nog minder een greintje collegialiteit of fijne professionaliteit, laat staan een dosis elemen-taire educatie. Je was hopeloos antipathiek en ik werd hulpeloos ziek en zieker nog.

Vanaf de derde week werd er ingegrepen, iemand had begrepen dat je emphatische vermo-gens onvermogend waren in de menselijke omgang. Ik kwam bij je angelieke antipode (een jonge en schoonwulpse antilope) in een gouden kooitje terecht. De werkwereld klaarde op voor mij en ik rendeerde snel en makkelijk voor het bedrijf. Maar onze wegen bleven zich kruisen, inderdaad je bleef een kruis voor mij, een zwarte madonna, maar dat is dan weer teveel eer.
Ik had bij manier van spreken makkelijk je vader kunnen zijn en mijn beetje maturiteit als een mals bedje voor je willen spreiden. Je bleef echter doof en je bromde stom. Ik betrok je bij een prestigeproject, ik gunde je de hemel en de zon, maar je verdonkermaande dingetjes achter mijn naïeve rug: met een roddelmes kerfde je doorheen ons opzet. Hoeveel keer heb je me de vleugels afgezet?

Je dwarsverkeer met mij moet voer voor psychologen wezen. Was ik de alternatieve pappie-boy die het moest ontgelden? Net iets te dandyesk- frivool, bezorgde ik je complexen, wat haalde ik in je holle “hettefretters”-hartje overhoop? Het had anders en mooier kunnen zijn, vooral jij had zoveel schoner kunnen worden, je had het hele potentieel in huis, maar je zat in de eigen zenuwkramp gevangen, je behoorde tot mijn absolute tegenkamp.

Ik vergeef je alles, ook de kwetsuren, inclusief mijn zweet en leed. Rancune is niet aan mij besteed, met jouw mentale ballast wil ik niet leven, sleep het zelf maar als belasting mee. Je zou zo razend knap kunnen stralen als de plaatjesvrouw hierboven, maar blaas dan snel de latente warmte in je kouwe ziel wat aan. Hoog tijd hoor! Je bent nog steeds een prille twintiger, leer eindelijk eens te swingen in dit leven.



20:43 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (2) |  Facebook |

15-12-05

gedankbrief

Dag Mamisja, wonder blondkind, je hebt dus je graad behaald, je gram gehaald, je eer gered en meerderen in hun hemd gezet. Wat aan je hoger-op-project vooraf ging, volgt hier vanuit mijn kleine context achter jou.

Toen ik een paar jaar geleden bij het bedrijf belandde, werd ik na twee weken (ongeneeslijk doorspartelen) uitgeloot om me bij jou neer te poten. Dat bleek een goeie keuze, een verfijnde voorkeurs-behandeling voor mij. Wij hadden het meteen erg naar onze zin, het werk werd naar behoren en vooral bekoorlijk (door jou) verricht. Tijdens de arbeidsbuien durfden we ijverig buitelen van plezier, soms tot niet geringe ergernis van grote mensen die hun geldingsdrang in drift verloren zagen gaan. We stoorden ons aan niks, want we waren samen sterk, jij de schone charme, ik de schaamteloze vlerk. Wie deed ons wat? En god noch gebod, zeker dat.

Maar je roeping lag toch elders, een hoger pad wenkte dwingend voor je talent. De bange dag kwam nader, zo verschrikkelijk dicht nabij dat ik weerloos doorheen de geestelijke schade gleed. Jij verliet de kermiskeet, ik verbleef opeens in iets wat vreselijk op een kelderketen leek.

Jij ging denderend door, ik had die verleerde dingen jaren achter mij. De tijden werden somber, soberder vooral, de toon klonk anders, bars verhardde het beleid, een hauw een snauw, het lachen werd me stellig en geweldig afgeraden. Niks geen blitz meer, minder branie. Bitsigheid kreeg ik ten deel, mijn flanken lagen open. Vele scherven, schone schijn, de valse schande, dan de schade ook.

Gelukkig bleven wij kameraden, mailsgewijs schreven wij onze sores nader tot elkaar. Je liet niks aan je hartje komen, je ongetemde haren dansten in het wildste schoon omheen je eigenwijzere verstand. Je deed het darteldwars, met een plezante lap erop, je kreeg het zaakje lekker afgerond.
Nu kies je andere en onverkende einders. Dat is je verdiende loon. Mijn lot lijkt ondertussen ijselijk bezegeld. Onze wegen lopen vlug en verder nog uiteen. Mij rest de troost van flauwe hoop en een overdosis gratis pessimisme, ja het kan altijd alsmaar slechter. In hoeverre ben ik een vechter zoals jij en wat koop ik voor mijn nostalgie: een afgrondje melancholie?





18:50 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (2) |  Facebook |

13-12-05

spoorloos

Angst gerateld

als een kanker

kan personen kansloos
tot in spaanders kraken

 

spatten tranen

braken monden open
doofden ogen

op de dode sporen

 

twee sirenes weenden
hun muziek in koren







22:10 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (6) |  Facebook |

12-12-05

meisjesland

Nieuws van de dag: een lekenmeisje heeft voor de katholieke overheid haar eeuwige gelofte van kuisheid afgelegd. Dit is een rare primeur, weldra een nieuwe "fine fleur"?. Dat is, mijns inziens, een bedenkelijk en onwerkelijk recht.


 

De avond valt vanavond anders dan op andere avonden de avond valt.

Het is harder koud met barre aandrang en aanhankelijkheid die maagden zwanger op stang van stapel jaagt, uit hun ontklede stal weghaalt. Welke dwaze meiden leggen ongeile geloftes af? Op kuisheid staan de zwartste straffen. De duivel is een nobele ridder op zijn driftig schoonste hijgpaard dat verstijgert.

Er vallen prille meisjes losjes uit de jonge lucht. Op een fris en donkerwit, flanellen winterbed doen liefdesliederlijke zusjes teer hun nachtverdunde hemdjesspel. Waar hangt de najaarsmist? Wie praat die is gezien, stamel, prevel.  Dit is genotsgedijen, sacraal bevrijen, broos zijn woorden nergens. Waar bestaat of prijkt dan ergens de boze god van ongeloof in lijfelijke heiligheid?

 



22:07 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (5) |  Facebook |

11-12-05

lieve Evy

Brief als repliek op een civieke reactie van log-ster Evy op mijn vorig item, inclusief mijn ganse blogpersoon. Moge deze poging misverstanden verhinderen, verzoening zoeken. De woorden worden nooit zo warm geslikt als ze worden opgediend.

 

Liefste Evy, ben jij echt zo lief?

Oeps, ik tracht een simpele titel te schilderen en daar loopt de taal me reeds uit de hand.
Toegegeven,dat is de kwaal waar ik aan lijd. Als ik me voor een toetsenbord installeer, ben ik als een wilde cowboy die zijn paard bestijgt, ik geef meteen de sporen aan de woorden en de lettermacho in mij doet zijn dwaze ding. Mijn taal is soms ongewild een schietpistool, ik wil doseren en dat dwarsding domineren, maar wat wil je: ik kom pas kijken en maak dus fouten, inclusief erg stoute.
Je had me wel link betrapt toen ik me die eerste dagen in het wilde westen weg ging droppen. Wat had je ook gedacht, ik was een blinde rijder in de grote weblogprairie en zocht verwoed mijn naaste buren, gelukkig ging ik ook aan jouw fermette niet voorbij. Dat geveltje beviel me wel, zo netjes, de woordjes die ik dropte waren welgemeend. Ik ben geen holle frazen-patser, zulke fratsen laat ik aan het praatcanaille, geef toe, het wemelt hier evenzeer van zulke fakers als in de reële wereld. De virtuele realiteit loopt bangelijk gelijk aan de ware werkelijkheid.

Zal ik eens eerlijk zijn? Jouw dubbelzinnig-complexe reactie is de eerste die me raakt, je zet me tot denken aan. Je deed me blozen, maar ik kreeg ook een mokerslag. Net op tijd, pal op de vooravond van één maand blogman spelen. Merci, Evylief, ik heb je platonisch liever dan lief gelezen, laat dit me dan maar een lesje wezen. Maar beloven doe ik niks, ik blijf geloven in mijn genre, mijn eigen stijl, ik ben slecht(s) mijn eigen ik en tegen mijn taal heb ik vaak geen verhaal. De teksten slingeren zich door mij heen, ik cumuleer mijn cowboy-stijl met indianenkronkels. Ik hang lachwekkend vaak aan mijn eigen lasso, ik raak verstrikt in mijn eigen stroppen. Maar weet dat ik niks persoonlijk meen, ik bespeel mijn zinnen nooit direct op een man of  vrouw in kwestie. Ik beteugel hun taal met eigen taal, kunst om de kunst zo je wil.
Zou je willen geloven dat ik mild en tolerant ben, een softie of zoiets. Maar ik verdraag geen keuvelaarsgeklets of beuzelgalerijen. Als ik zelf niets te schrijven heb, dan ben ik een aardige zwijgman. En als ik schrijf, dan probeer ik franjes uit en streepjes fantasie. Merk je soms niet de melancholie tussen de regels, de nostalgie naar randjes inhoud of een flardje meervoud?

Er staat niet altijd wat er staat, er is een impliciete lezing mogelijk. Okee, ik maak nogal veel theater, ik oefen graag op mijn toeter, maar dat is een zoektocht naar gezellen, spreekkoren om me te aanhoren en partners om me ordentelijk tegen te spreken. Nu komt de schone sneer.

Die is voor jou, Evy, jij hebt de primeur, ik laat je graag mijn show stelen, jij hebt de eer en het genoegen. Mijn bonte monologen zijn dan toch niet voor niks geweest. Ik klonk gezwol-len, maar de rollen keren zich. Ik denk dat mijn dolle proeftijd stopt, nu wordt het pure ernst. Ik zal voortaan proberen op mijn woordjes te letten, de puntjes fijner op de i’tjes te zetten.

Mercikes voor het zacht kapittelen, je kwam me stekelig kittelen. Mag ik je nu dan verlinken?

 



22:06 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (5) |  Facebook |

10-12-05

Fillet américain

Op een blogitem van de onvolprezen DS on line lazen wij dat Koen Fillet volgend jaar wil deelnemen aan de marathon van New York.   Tot zover is er zeker geen vuiltje aan de lucht, ook niet ondanks de onkosjere lucht in New York, soit. Wij struikelden wel ferm over de naam van Koen Fillet. Okee wij zijn media- en wereldvreemd, maar wij dachten niet dat betrokkene tot het kransje van toplopers in België behoorde, waarschijnlijk zelfs niet mag postvatten bij de bredere subtop. Dus even opsnorkelen via google en, hadden we het niet gedacht, de man in kwestie is een dikke BV, bekend van radio en TV.
De Koen zou zelfs een weblog opgestart hebben om ons kond te doen van zijn vorderingen in de voorbereiding op het evenement. So what? Toch even gaan piepen op de stek in kwestie, en wat lezen wij tot onze verbijstering: die gast lijdt aan overgewicht en mag op medische gronden zelfs nog niet meteen starten met de looptraining. Eerst moet er nog wat zomervet afgefietst worden. De link met de marathon, zijnde 42 km, is ons niet meteen duidelijk. Ochottekes, even verder verklaart onze Koen zich nader: ’t is puur voor de uitdaging. En ja hoor, dan laten wij gans Vlaanderen gratis en gulzig toekijken, dan hoeft er geen schroom over het compleet asportieve profiel, dan mag er gerust verteld worden dat KU-Leuven en zijn wetenschappers het zaakje opvolgen (what the hell), dat triathlonboegbeeld Paul VDB de schema’s schrijft. Om voorlopig in zijn blogrelaas te eindigen met twee kanjers: hij zit momenteel reeds aan de respectabele looptijd van 20 (twintig!) minuten en, houdt u vast, hij wil in New York binnen de 5 (vijf!) uur finishen.
Effe Yvan Sonck (Runnersworld 2001) citeren: als je de marathon niet binnen de drie uur kan lopen, blijft er dan met uw voeten vanaf. Zelf zou ik zeggen, loop u gerust het pleuris, maar hou het alsjeblief stil.
Mensen, wat is me dat heden ten dage toch met die dwaze uitdagingen allerhande? Er waait echt een golf van gênant exhibitionisme door onze hypergemediatiseerde wereld.
Eens je de status van een soortement BV beet hebt, zijn er echt geen grenzen meer aan het fatsoen. Want zeg eens eerlijk, wat is het maatschappelijk belang van deze zotte bedoening? In een strompeltijd van bijna 5 uur een marathon willen lopen, moet je daar nota bene in New York voor terecht? In het Vlaamse land kreunen de schaarse organisatoren onder de financiële lasten, maar meneer Koen Fillet, een notoir non-loper, gaat zijn ding in de betere kringen afwerken. Staat veel sjieker natuurlijk, is exotisch stukken schoner ingekleurd.
Het is te voorspellen dat hij gaat wenen bij de aankomst en dat hij breeduit gaat citeren uit de enthousiaste aanmoedingen aan zijn sukkeldrafpersoontje: go Koen, go, don’t give up (don’t run, denken wij cynisch). Met een tijd van 5 uur zit je aan zo’n goeie 8 km per uur, dat is hallucinant slecht. Snelwandelaars die er zulk een kwakkeltempo op nahouden zijn echt ondermaats, dus tel uit je winst Koeneman.
Plaatsvervangende schaamte bevangt ons nu reeds, is er dan echt geen kwaliteitsnorm meer? Presteren om te presteren, nee: om in de kijker te staan, we zijn het stilaan spuugzat.

Ach, en dan zijn er ook mensjes die al gans hun relatief jong leven hun loopding doen, uit de kijkspots, maar wel minstens drie à vier maal per week, telkens een tiental kilometer, reken maar uit, da’ s één marathon per week, bijvoorbeeld al twintig jaar lang, gewoon voor de gezondheid, de fun en het goed gevoel. We gaan het niet over onszelf hebben (moeilijk, moeilijk), maar mag ik even mijn lieve en bescheiden partner in de kijker zetten, dank u.
Wel, zij doet het toch maar, in alle weer en wind, bij dag en avond en ontij, soms samen met mij (daar heb je me dan toch, sorry). Zij doet het met een rustige gedrevenheid waar zo’n Koen Fillet psychologisch een puntje aan kan zuigen. Ze had ooit op de cover van een gerenommeerd joggerstijdschrift kunnen staan, als model van de modale jog-ster, ze wou niet, voilà. Maar ondertussen blijft ze wel doorgaan, op karakter, zonder applaus, zonder gesofisticeerde begeleiding en vooral zonder poeha. Ze is superslank en in topconditie. Ach, arme Koen Fillet, publiciteitsgeile jongen, wat zijt ge ver van huis met uw theater.

Iedereen vraagt zich nu natuurlijk af wat die blonde troela hierboven op dat prentje zit te blinken. Wel, da’s het jongste zusje van mijn sportvrouwtje. Zij loopt niet, kan zelfs niet omwille van haar hoge hakjes. Maar zij rijdt wel gracieus met open, Amerikaanse sleeën. Ja, die elegantie dat is een stevig familietrekje, ik kan er makkelijk mee leven. Zij zoeft over Vlaamse wegen met jonge goden, onder andere met blitze sportvedetten die het plots gemaakt hebben, wij noemen geen namen. Zij is echt onbetaalbaar, nee niet haalbaar voor manke marathonknarren à la Koen Fillet, zij eist haar prijs: ware kwaliteit!

 





21:26 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (2) |  Facebook |

09-12-05

erosteken

Haar blanke vel
het vecht en vlindert onder mij
het wiegt en wankelt
als een bloemenveld
bespeeld door wilde stoten van de wind

ze rolt en kronkelt in patronen fel
alsof ze aan wil tonen
dat haar zuchten
analoog aan vluchten is

ze ligt verloren in dit heden
levend neergeschilderd
op het stille ledikant
ze lacht onzeker als model
verwonderd en verlegen blond
alsof ze ongewild gevallen is
vanuit het doek der grote meesters

ik een kleine heerser
stamel opgewonden hees
dat ze uit penselen werd gestreken
van artiesten met een erosteken in de hand
zoals de droombeeldvrouwen bij Delvaux
of witte nimfen van Renoir

weer nuchter na het gieren van de liefde
gaat de wind vlug liggen
hangt het liegen in de lucht
een schaduw valt als teken
op het bleek dressoir

 

 - dit gedicht werd (onder mijn gewezen dichtersnaam) opgenomen bij http://meander.italics.net -




20:35 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

08-12-05

Gent blogt?

Hoe het allemaal begon, mijn geblog en de hele heisa? Wel, dat was in Gent.
Stel een man kan niet slapen en hij heeft dwalende gedachten. Hij ligt wakker van wat persoonlijke sores en omdat zoiets gauw gaat vervelen, piekert hij over de politiek en zijn aandeel daarin: nihil dus, tenzij, als zelfverklaarde kenner, de esthetische plus- en minpunten van bv. Freya VDB beoordelen. Zo gezegd, zo gedaan, uit mijn bed gestapt en op naar google: “meisjes Gent”, dacht ik, zo kom ik op het juiste spoor. Van ’t één kwam ’t ander en via een paar obscure zijpaden belandde ik op “Gent blogt”. Daarmee was ik geenszins ten huize Freya, maar kwam ik toch aardig in de buurt.

Even kon ik niet aan de verleiding weerstaan om een nachtelijk spoor achter te laten bij dat Gentse blog, dat leek me niet minder dan hoffelijk en sympathiek .
Meteen had ik reeds repliek van een andere weirdo en zo ontspon er zich een absurde dialoog. Enfin, zoals dat gaat, hopeloos laat blijven hangen en niet bij Freya geraakt (sorry meid). ’s Anderendaags wijllie terug naar Gent en weer van blablabla en patati en patata. De blogger in mij was geboren, Gent had mij uitverkoren. Simpel als ik was, bracht ik meteen een paar neefjes Vanco op de hoogte en die peddelden ook stante pede naar Gent voor hun parlando. Dat was me daar een paar dagen een vrolijke kakafonie van verbaal en taalpikant geweld. Diverse Gentenaren, waaronder telgen van de clan Beke, hosten aangenaam verrast achter ons aan en dansten dolzinnig van woordplezier mee op onze surrealistische boot. 
We speelden wedstrijdjes Gent versus Leuven en vice-versa. (Match nul quoi).
Enkele losse en enthousiaste citaten uit het nagelaten archief:

- “eindelijk wat ambiance in dees kaal barak, het werd hoog tijd”

- “dat we dat van een niet-Gentenaar moeten leren, ’t is toch erg”

- “amaai, die gasten dat zijn spetters, goed geschreven Vanco-boys”

- “waarom waren jullie niet eerder afgekomen, verhuis vlug uit Leuven”

- “merci Vanco, spijtig dat we zo lang op onze honger hebben gezeten

Enfin, we kunnen blijven citeren, maar dan wordt het weer zo pronkerig en dat gaat tegen onze aard in. Om een lang verhaal kort te maken, die Gentse webmasters kregen het van langsom meer op hun zenuwen, want zij werden volledig weggedrukt door onze spitante inbreng, tegendraads grappig was dat.
De items die zij aangaven, bv. treurwilgen, nestkastjes, hangborsten, spataders, teringlijders etc., werden volledig door ons gepareerd en ondergraven met taalvondsten waar wij zelf nauwelijks het authentieke bestaan van kenden.
Onze Gentse makkers kwamen echt niet meer bij van de absurdische pret.
Maar plezante liekes duren niet lang, dat ligt in de aard van de Gentse bourgeoisie, zij leiden graag de dans en wij werden dus buitengebonjourd.
Zodoende zij we (ik) dan maar als kleine zelfstandige begonnen, met aarzelende passen en schamele woordjes. Omdat een blogmens zich moet profileren, ging ik mij links en rechts wat positioneren bij de volkse blokskes: Vadaba, Ikke Dominikke, Kapitein Iglo (=eskimoetkaka) enz.
Ook daar al rap van hetzelfde laken een webbroek: overal sjagrijnigaards.
De strafste stoot maakten we mee toen een webmastermadam van Gent ons ging “aangeven” bij Eskimokaka (lees hun adagium: “zeehondjes op bloedige wijze afslachten”, een akelige giller). Op die bloedvalse site werd haar gedateerde verbale veto (tegen ondergetekende) tekstueel in ’t lang en ‘t breed uitgedrapeerd. In de oorlog noemt men zoiets zwarte collaboratie, in het bliksemse blogland: “blacklisten”. Ge zoudt u van minder verraad verslikken.
Merci schone (?) dame van Gent, met uw geste was u op uw laffe beste. En zeggen dat wij oorspronkelijke om la Freya waren gekomen, van een koude douche gesproken, een natte anti-climax. En oh ironie van het lot, de paus der webloggers (pdw) is een onvervalste Gentenaar, het weze zo. Aan hem aldus  het Laatse Oordeel. Wie verdient hier verdorie de strop? Ik laat mijn kop niet hangen, ik blog voort, dwars erdoor. Het kleffe Gent ontblogt en bloost verder.






22:15 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (8) |  Facebook |

07-12-05

zoogbloggers

Er moet me iets van het bloggershart, het lag eigenlijk eerder op mijn lever. Neofiet-webber zijnde, verkeerde ik in de mening dat weblogs the place to be waren voor wat underground, tegendraadsigheid en averechts haaks op de werkelijkheid staande en dansende dwarsmensen.
Hemeltje, wat een kemeltje. We zijn goed drie weken van huis en op geen enkel moment zijn we in de buurt van het “geloofde” land geweest. Wie had er ons ook wat beloofd? Whisfull thinking menne man, noppes, een dikke strop. Het blogland lijkt op legoland, op belgenland, hoopjes slijm en stroop te koop en nergens een glimp van gebelgde mensjes. De virtuele wereld is gewoon de afkakversie van de reële wereld, een aflikkertje van het dagdagelijkse, vaak nog gekwadrateerd in zijn barre banaliteit. De ontalige keuteraars en keuvelaars gaan hier te keer alsof hun hele hebben en houwen staat of valt bij de gratie van een onderdakblog. Als we er maar bij horen, nietwaar, gezellig nietszeggend en mekaar vooral niet tegenspreken. Oh en ach en wee, eendracht is hun zwakke kracht. Hun woordjes dienen zeker niet om zinnen mee te verzetten, noch minder om ergens een koekoeksei neer te leggen, nee dan gaan ze liever bange bravo’tjes breien en hip-hip-hoera’tjes hoppen en hoho mooi zo, da’s weer schoon gezegd, een groter-dan-grootste gelijk kwijlend voor hun goedige ikkedommenikskes, ijselijk lijkende iglogoeroe’s of laffelijke stadsafbloggers (bonjour la Gantoise, merci pour la courtoisie).

Komaan hé gasten, sta eens gezamenlijk op en stamel zelf een eerste woordenkrans, schrijf verdorie uw eigen kleine regeltjes. Welles nietes, maar doe eens iets: wees kranig en word zelftalig.Wie machteloos is (dat is menselijk), die is gepardoneerd, want woorden zijn als vrouwen, dwz prettig gestoord onhandelbaar. Awel, zelfs dan, verschaf u een handleiding en weersta niet aan de zinnelijke verleiding. Taal laat zich ten laatste altijd dwingen, letters beginnen ergens toch te spetteren. Je hebt talent of je doet het op karakter, maar gelieve niets over of af te schrijven, en loop niet achter vlaggen aan van zelverklaarde bloggers-bisschoppen. Trouwens, er is maar één paus (pdw = paus der webloggers), daar moeten we ons deemoedig bij neerleggen. En dank ook, op onze blote knietjes, aan DS voor hun lekkere brokjes kapstokpolitiek. Luistert allen, met inbegrip van de ziekelijke kliekjes, ik doe mijn dingetjes hier, ik sta povertjes solo, maar ik sta tenminste recht. Wie met de mond vol woorden zit, dat hij schrijve begot. Maar laat voortaan die haat en ga verdorie niemand lafjes bannen, da’s een zwaktebod van ik-schaam-me-rot. Het Woord is vrij en het Woord is Wet (dixit Gerard Reve, okee, hij citeert uit de Bijbel).

Bij deze is iedereen uitgedaagd, van het onnozelste webkind tot de grootste bloggersblaag. Ik ben geen schabouwelijke zaag, maar de eerste opstandige ontbanner, kruis vrij-uit mijn taal met uw verhaal. Ook de obsceniteitenrijders zijn (vogel)vrij in mijn kolommen, kom er maar om, malle en zware taalkanonnen, letterleggers, woordverketters, zinsverbijsteraars, analfabetische vermakelaars, malse mietjesjongens en als meisjes vermomde trollenmannen. Mijn imago is inclusief.








18:38 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (8) |  Facebook |

05-12-05

koud stuk

De werkweek sleept zich op vrijdagnamiddag trager dan vermoeid voort. Mijn kantoor is een oase van rust in mezelf. Ik mijmer over de onzin van dit verblijf. Dan dwarrelt ze binnen, de zwarte lokken nonchalant in een zwiep naar achter. Of ze stoort, vraagt ze nadat ze is gaan zitten, ze kijkt me niet aan, wie ben ik?

Het zit haar weer niet mee, geeuwt ze verveeld, een man, nee twee, en liefdes die zich niet verklaren. Ik weet dat ze op trouwen staat, tweede keer, daartussen vrijers en gedoe, met inzinkingen, opstand in extase, verval, depressies, miserie.

Of ik kan zwijgen, een geheim, ze vermoordt me als ik haar verraad. Wat wil ze?
Ik ben een klankbord, zo wil ze me hebben, misschien wat meer, wie weet wat?

Ze citeert een naam, goeie kollega, fijne kerel. Of ik dat van hem had gedacht?
Wat bedoelt ze, welke richting gaat dit uit, wie maakt wie kapot? Gerald is het.
Lap, dat is eruit, dit kan niet meer ongedaan gemaakt, vergeten is reeds te laat.

Dat Gerald, toffe bink met blitze vriendin, een schoonheid met temperament, dat hij haar achterna zit, haar tracht op te vrijen, op haar verliefd zegt te zijn.
Of ik haar geloof en zo niet, dan heeft ze de bewijzen, ze siddert naar lichte hysterie. Dat ze zich vreemd schuldig voelt, zij heeft hem niet afgeweerd, valse hoop gegeven. Of ik wel besef wat haar zinnen vragen, zij is ook geen lichaam van steen. Ze speelt met een haarlok, tikt met haar hakschoentjes driftig van opwinding. Dit gesprek is electrisch geladen, de kicks zijn hier, vibraties in dit kale kantoor. Ze krabt mijn ogen uit als ik dit verklap, het blijft tussen ons (waarom niet tussen haar en Gerald, die goeie onfidele Gerald?).

Plots friemelt zij aan haar mobieltje, drukt het onverhoeds tegen mijn oor en ik hoor een hijgerige stem: “ik hou van je, aanbid je, lekker stuk". De stem van Gerald, godverdomme Gerald. Nu lacht zij licht van waanzin, ik zie hoe gevaarlijk knap zij blikt. Zij triomfeert, het einde van haar nummer is op til. Nog eens de bezwering dat ik zwijgen moet, zoniet. Zoniet wat, denk ik bij mezelf. Wat doet die bitch hier in dat kot bij mij? Ik ben ook maar een man en dit gebouw is nagenoeg verlaten.

Ze staat opeens recht en rekt zich, draait bevallig rondjes. Gerald zit verkeerd gebeiteld in mijn kop, dat vrouwmens verslindt hem gulzig. Gerald is een ezel, jakkes, wat een oen, stommer nog dan stom, een slapjanus, laffe lulzak.

Of ze koffie halen zal voor ons tweetjes, fleemt ze, want dat wij nu een geheim delen. Dat schept een band, probeert ze. Dat creëert herrie, weet ik. Nee, geen koffie. Koffie is voor de gezelligheid, voor mijn vreedzaamheid in mij, voor inkeer in mezelf. Ik wil mijn koffie niet delen, ik haak moeizaam af, een loden vermoeidheid komt op.  

Zij slentert buiten, drukt zich nog even tegen de deurpost, wrijft fout haar bovenlijf. Een koud, stout stuk, dat is ze godverdju. Ik heb het harde materiaal ongevraagd gekregen. Wie wint dit spel, wie affirmeert zich in welke rol? Dit is een spel zonder regels, het telt enkel twee verliezers: een vrouw, een man. En liefde sterft. Hard en ongenadig knapt deze werkweek af. Dit wordt een bitter weekend van opgedrongen medeschuld.
 






21:43 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (7) |  Facebook |

04-12-05

slingerdicht

Slingerdicht (omwille liefdesongeregeldheden)

 

Die slinger kan nog ronder rond het mensenstel

het touw kruipt opgewingerd langs de schouw

de rook wordt uit het vuur omhoog gepookt

een man of vrouw met kaalgestroopte vel

het hart in wrak verpakt en doorgezakt

de adem afgesneden blik vermeden

tuin van lege heden niet van eden

(territorium wordt mortuarium)

 

- interludium etceterarium -

 

met mayonaise polonaise

jankt het brood op plank

stoot spijs door drank

de salto onverwijld

 

- restantes anti -

 

ongeweldiger         

nihil gewild

in stiltes

splijten

gij &

ik





22:44 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (2) |  Facebook |

03-12-05

eskironiseren

Een site die ik éénieder, exclusief de minderjarigen, doorstraf kan aanbevelen is Eskimokaka. Het collectief dat achter dit blogproject zit, houdt zijn dagen onledig met het opsnorkelen van inmooie netplaatjes, die ze dan met een subtiel commentaartje droppen op hun arty farty webstek. Zo creëren zij een knus en kunstig huisje voor wie even wil verwijlen in de luwte van het feeërieke en de kleinfijne stilte. Ik kwam er ijlings langs toen ik als wilddier op de dode dool was nadat Vadaba (Vandamme Bart) mij met zijn kwaai karwats had weggejaagd van zijn holle weblog. Bij Eskimokaka kon ik teugen zuurstof zuigen en gezond weer blogmens worden, een dwarsdoende verademing. De uitbaatmensjes bouwden tinteltuinen, parelperkjes en prille pronkprieeltjes, zij harkten trendcartoons en prenten-kabinetten op, zij toverden ons met toetsenstokjes vage schimmen en verzwoelde nimfen in een wondere buitelwereld. Te mooi om webwaar te zijn.

 

Watskebeurt? Die schizofrene pipo’s hebben me weggesjast. Gebliksemblacklist.

Ik had in mijn ondertitels hun beeldjes verschandaliseerd, we waren plots en hevig gebrouilleerd. Mijn fluitjesironie had als giftig enterkruid schuimgekrenk opgeschoten.          Eruit werd ik gekreten in een zinderende mail (klem op de keel).
Weldra werd de bezinning ingezet, aangevers missen artiesten, protagonisten.

 

Maar nie mee mij, hé, eskimokezen. Ik kwam, ik zag en ik genoot, liet genieten.
Zonder bloedvergieten, dat voeg ik eraan toe. Want weet beste webbloglezers: in de marge stond er reeds een imoreel probleem, lafbekjes keek ik daar langsheen.

Sla me dood als een weerloos zeehondje op het kansloze ijs der arme getijden, maar lees nu dadelijk, en in loco, mee met mij, sjees u verder naar de plek vol schandevlek. Wat staat daar fijnmazig en venijnig gecursiveerd: Eskimokaka is ontstaan om de neuze-neus cultuur van de inuïts in leven te houden, alsook de nationale sport "zeehondjes op beestachtige wijze doodknuppelen". Wij zijn de natuurlijke vijanden van het WWF …

Nounou moeder, wij zijn ook geen lieverdjes meer, maar beestjes nog aan toe, wat een gortig troepje tekst staart ons daar te kijk. Ach, surrealistische ironie, dachten wij initieel goedlachs. Maar die mensjes lachen niet, het is hun gékware ernst. Ik ben er onnozel ingekacheld, alles moet kunnen in de kunst, misschien?

De uitbuiters van dit bevlekt imperium verbannen zichzelve mogelijks naar een legbatterij vol advocaten. Godverdorie, wat een ploertigheid, geenszins kunst.

 

Ik schrijf deze regels op 3 december 2005 om acht uur ‘s avonds. Lees nu vlug.

Ik ben zelf niet zo beestig goed gezind, maar ik houd nog minder van het blokje: http://www.eskimokaka.be. Morgen of wat later wordt hun stek wellicht gezuiverd, maar ze zijn in vunzige dade woordelijk betrapt op animale amoraliteiten.             

 

Hallo Nico (domme) Demus, dag (silly) Sister Little’Q.

 

Het hierbijgevoegde foto’tje van hun frontsite werd genomen op O3/12/05, door ons bewust onleesbaar gehouden, wij bezitten wel de uitvergrote én leesbare versie. Maar het is tenslotte nog geen oorlog, dit is slechts een spel. Alhoewel.





20:00 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (5) |  Facebook |

01-12-05

theaterkleurpalet

Nona Mez bracht een derde CD uit. Wij hoorden zanger Geert Maris op Studio Brussel zagen over de zware bevalling. Monotoon pleidooi, even onmonter als de twee nummertjes die daarna onze oren niet bekoorden. Zijn vorige worp was inderdaad een kanjer, maar wij weten nu waarom. De melancholische gastzangeres Pascale Dereeper sierde het zaakje op met haar engelachtige nachtegalenstem. Zonder deze sirene is de erotiek verdwenen. Nona Mez wordt omhooggeschreven in de media, momenteel onterecht.

 

Nona Mez zou staan voor “no names”, toch nog even verder zappen en zo komen wij allitererend terecht bij Dez Mona, ook Vlaams-Belgisch en echt beloftevol. We zagen deze driemansband zeer onlangs aan het werk in de Leuvense stadsschouwburg.

Zanger Gregory Frateur incarneert op bangelijke wijze het androgyne uiterlijk en het hybriede sex-appeal van Chet Baker: zelfde gladde plakkapsel, een geërfd strak pakje en even demonisch knap. Witheet charisma is hier wild aanwezig.

Er werd ijselijk mooi geopend met een parel pure Brel, de rest van de set was engelstalig. We hoorden prille Bowie, flardjes crooner-Cave, ook très berlineske Kurt Weil, zelfs een vleugje witte blues à la Johny Cash en dan die vele onwereldse uithalen naar de opereske regionen. Frateur kan alles met die stem van hem. Hij zou roots hebben in de gospel, yep, die man zijn ziel is zwart. En wie tegelijkertijd apocalyptisch als minimalistisch kan zijn, die wordt een hele grote. Daan en Stef Kamil Carlens zouden fans zijn, wij evenzeer.

 

De spectaculaire theaterlijn werd moeiteloos door- en (fors) opgetrokken door de onwezenlijke elfenmeisjes van CocoRosie. Zij zijn product van de nieuwe lichting hyperrootsige weirdo folk: retro-Americana of hoe noem je zulke melting pot met fragmentaire Billy Holliday, elementjes Ricky Lee Jones, nostalgisch gesausde Carter Family, brokjes nimfen-Björk en crazy-hysterische zwenkpartijen naar opera, hip-hop en zwoele voodoo. Deze hyperactieve totaalwaanzin werd opgeprojecteerd met retrospectieve videoplaatjes en geërotiseerd door spontaan gefrunnik en gestoei van het wacko multisexuele viertal. Zelfs met experimentele speelgoedinstrumentjes deden zij hun inventieve ding. Verkleedpartijtjes waren erbij, pikante balleterieën en dolle fantasietjes zoals instrumentaal doorbuitelen en mekaar onbeheerst overknuffelen, niets lijkt hen te gek, alles leidt extatisch en maximaal plezant naar de muzikale climax.

 

Wij gingen ter schouwburg, wij kregen dubbele kunstwaar voor ons geld, tweemaal totaaltheater, muziekspectakel als een extra-lange acid-trip op dikgelaagde, dolgewaagde en elektriserende artisticiteit. Er zat mysterie en mystiek in dit avondje fenomenaal gerecycleerde en opgewardeerde popmuziek.

(de CocoRosie-foto werd ons bezorgd door de lieftallige Claudia K, een heel hip en freel mooi meisje)




21:01 Gepost door Marlon | Permalink | Commentaren (5) |  Facebook |